Zin 1 — de simpelste zin
<Voorkennis
Zin 2 — een lijdend voorwerp
Leerdoel: je laat een werkwoord een object krijgen.
Zin 3 — een bijvoeglijk naamwoord
Leerdoel: je laat een zelfstandig-naamwoordgroep een bijvoeglijk
Zin 4 — bijwoord en "en"
Leerdoel: je laat een werkwoord-groep een bijwoord krijgen en twee
Zin 5 — een voorzetselgroep
Leerdoel: je introduceert een voorzetselgroep en laat een
Zin 6 — voorzetselgroep bij het werkwoord + zinnen koppelen
Leerdoel: je laat een voorzetselgroep aan een werkwoord-groep hangen
Zin 7 — past het al?
Leerdoel: je ontdekt dat een goede grammatica vaak meer zinnen
Zin 8 — een bijwoord vooraan
Leerdoel: je laat een bijwoord ook vóór een werkwoord-groep staan.
Zin 9 — past het al? (deel 2)
Leerdoel: je test een lange, samengestelde zin en ziet opnieuw of je
Zin 10 — recursie: meerdere bijvoeglijke naamwoorden
Leerdoel: je laat onbeperkt veel bijvoeglijke naamwoorden achter